Even bijtanken bij de apotheek

Foto: Unplash - Chris Haws

Vandaag 75 jaar geleden, op 9 januari 1946, werd bij Zwammerdam de eerste benzinepomp geopend langs een snelweg. Weliswaar kenden we in ons land al zogenaamde ‘straatpompen’ aan de kant van de weg, maar langs een ‘snelweg’ (een fenomeen van na de 2e Wereldoorlog) was iets nieuws.

(tekst: Wim Meijer)

Met het “benzine-laadstation” langs de Rijksweg 12 had benzinemerk Purfina de primeur en bleek zelfs (onbewust) de voorloper te zijn van de onbemande tankstations.

Goed van vertrouwen
Ga vandaag de dag even je auto voltanken en je weet dat ‘Big Brother is watching you’. Overal volgens camera’s jouw doen en laten om te voorkomen dat je met een volle tank en zonder te betalen wegrijdt. Blijkbaar zijn dit soort maatregelen nodig. Jammer, want dit kon vroeger heel anders. Bij het eerste benzinestation langs de snelweg bij Zwammerdam in 1946 was er overdag altijd wel iemand bereid om jouw tank te vullen, maar gedurende de nachtelijke uren was het station gesloten. Om toch ook dàn automobilisten te kunnen voorzien van brandstof zette men blikken met benzine neer in een naastgelegen telefooncel. Automobilisten konden dan toch hun tank vullen. Op de telefooncel was een briefje geplakt met het vriendelijke verzoek om de kosten voor de benzine achteraf te gireren! Een verzoek waar de nachtelijke klanten keurig aan voldeden.

(foto: Pxhere)

Hotel Pabst
Weliswaar was dit tankstation bij Zwammerdam het eerste langs een Nederlandse snelweg, maar het kende op andere locaties al vele voorgangers. Zo dateert de allereerste straatpomp in Nederland al van 1920, toen Shell deze plaatste voor het deftige hotel Pabst in Zeist: een gietijzeren pompkast met daar bovenop een glazen bol met de merknaam. Daarmee liep Nederland ongeveer 15 jaar achter op Amerika, waar de eerste pomp al in 1905 het levenslicht zag in Saint Louis (Missouri)

Bertha Benz
En als we willen weten wat echt het allereerste ‘tankstation’ ter wereld was dan moeten we zelfs terug tot 1888 naar het Duitse plaatsje Wiesloch. Op 5 augustus 1888 kwam Bertha Benz, de echtgenote van autofabrikant Karl Benz, ter hoogte van Wiesloch zonder brandstof te zitten tijdens een tocht die zij maakte, samen met haar zonen, met een prototype van de driewielige Benz Patent-Motorwagen “Model 3”. Deze rit, die liep van Mannheim naar Pforzheim over een afstand van ongeveer 120 kilometer en zou de geschiedenis ingaan als de eerste langeafstandsrit met een automobiel.

Apotheek
Tot groot geluk van Bertha en haar zonen bevond zich in Wiesloch de apotheek van Willi Ockel. In die tijd werd door apothekers het licht ontvlambare ligroïne (petroleumether) verkocht, dat ook als brandstof kon dienen voor automobielen. Willi Ockel bleek voldoende ligroïne in voorraad te hebben om de tank van de auto te vullen, waarmee de apotheek onbewust ’s werelds eerste tankstation werd.

De apotheek van Willi Ockel in Wiesloch (foto: Wikipedia)

Tegenwoordig herinnert een modern kunstwerk voor de oude stadsapotheek in de hoofdstraat in Wiesloch, alsmede een plaquette aan het pand, nog altijd aan deze historische gebeurtenis, en is de apotheek een veel bezochte toeristische trekpleister.